Rendement wordt gemaakt bij de aankoop
Vastgoedrendement ontstaat niet op het moment dat je verkoopt, maar op het moment dat je koopt. Wie vijf procent te veel betaalt, haalt dat zelden nog in met huurinkomsten. Daarom begint elk investeringstraject bij ons met een nuchtere cijferoefening waarin niets wordt weggelaten: aankoopprijs, registratierechten, notaris, renovatiebudget, meubilering indien nodig, verwachte leegstand en een huurprijs die effectief betaald wordt in die buurt.
We kijken bewust verder dan het brutorendement, want dat cijfer zegt weinig. Syndicuskosten, onroerende voorheffing, verzekering, onderhoud, herstellingen en de energie-investeringen die de komende jaren wettelijk op je afkomen, bepalen samen wat er netto overblijft. Een appartement met zes procent bruto in een gebouw met een zwaar renovatiedossier is een slechtere belegging dan vier procent bruto in een gebouw dat in orde is.
Daarnaast rekenen we scenario's door over een periode van tien jaar. Wat gebeurt er als de rente stijgt bij herfinanciering, als de indexatie beperkt wordt, als je twee maanden leegstand hebt of als je verplicht wordt te renoveren naar een beter label? Een investering die alleen werkt in het beste scenario is geen investering, maar een gok.

